Vanochtend werd ik tijdens het wandelen bijna van de sokken gereden door een auto. Zo’n situatie roept heftige emoties op. Schrik, boosheid, spanning. Tegelijk bracht het ook een helder inzicht. Ik realiseerde me dat de boosheid die opkomt in zo’n moment bedoeld is om mijn lichaam te beschermen. Om alert te zijn, om te reageren, om te overleven. En meer ook niet.
Die herinnering en dat inzicht wil ik graag met jullie delen.
Emoties als vechten, vluchten, blijdschap en verdriet behoren tot het lichaam en hebben een duidelijke functie. Ze zijn erop gericht het lichaam veilig te houden en het leven te beschermen. In een situatie van gevaar schakelt het lichaam automatisch over op een overlevingsstand. Dat mechanisme is op zichzelf neutraal en functioneel.
De problemen ontstaan niet door deze lichamelijke reacties, maar door de identificatie ermee. Het ego bestaat uit overtuigingen, beelden en verhalen over wie we denken te zijn. Wanneer we onszelf verwarren met dit ego, gaan we niet alleen het lichaam verdedigen, maar ook ideeën, meningen en zelfbeelden. Dan wordt elke bedreiging van een overtuiging ervaren als een persoonlijke aanval.
Op dat moment verschuift de strijd van het fysieke niveau naar het psychologische niveau. We vechten niet meer voor veiligheid, maar voor gelijk, erkenning of identiteit. Daar ontstaat innerlijk conflict en lijden.
Het spirituele bewustzijn staat hier als het ware boven. Het herkent emoties en gedachten als tijdelijke verschijnselen die komen en gaan. Zonder ze te ontkennen, maar ook zonder ze te verwarren met wie wij werkelijk zijn. Vanuit dat bewustzijn hoeft niets verdedigd te worden en kan zelfs in een heftige situatie innerlijke rust aanwezig blijven.
Jacco
Reactie plaatsen
Reacties